14 februari 2022

Gedenkt uw voorgangers (4) ds. Joost Wery (1923-2016)

Geschreven door Tjaard Barnard

In 2016 overleed ds. Joost Wery. Hij was van 1968-1987 predikant geweest van de Remonstrantse Gemeente Rotterdam. Bij zijn overlijden schreef zijn collega Eric Cossee (1944-2021) een in memoriam.

 

Eenheid in het nodige
Vrijheid in het onzekere
In alles de liefde

Deze woorden staan boven de rouwbrief van Joost Willem Wery, één van onze oudste emeritus predikanten, die op 1 juni 2016 op bijna 93-jarige leeftijd overleed. Woorden van de aloude ‘remonstrantse’ zinspreuk die in essentie weergeven waar Joost voor stond: solidariteit in de elementair noodzakelijke levensvoorwaarden; vrijheid en verdraagzaamheid waar inzichten tekort schieten; liefdevolle aandacht op alle terreinen van het leven.

 

Ik had het voorrecht om in de Rotterdamse gemeente ruim vijf jaar met hem te mogen samenwerken, tot aan zijn emeritaat in 1987. Joost had toen al een hele carrière achter de rug, waarvoor de grondslag werd gelegd op het Vrijzinnig Christelijk Lyceum te Den Haag. De ouders van Joost waren niet godsdienstig, maar lieten hun kinderen vrij. De keuze voor het VCL bracht Joost in aanraking met de vooraanstaande remonstrantse predikant Fr. Kleijn, die een belangrijke rol in zijn leven zou spelen. Maar eerst werd het de rechtenstudie, zoals in zijn familie gebruikelijk was. In Groningen haalde Joost zijn kandidaats  –  mede door de invloed van Kleijn werd het toch de theologie.

Joost kwam bij G.J. Heering op het remonstrants Seminarium in Leiden, waar hij in 1951 afstudeerde. Nog in hetzelfde jaar ging hij naar Friedrichtstadt, onze enige buitenlandse gemeente. De columns die hij schreef in het deftige Haagse dagblad ‘Het Vaderland’ over zijn eerste ervaringen als predikant oogstten veel waardering bij zijn vader en diens confrères, die nu beter begrepen waarom de jurist-in-spe de theologische kant was opgegaan. Intussen was Joost getrouwd met Conny Feith, die hij nog kende uit zijn studententijd. Het huwelijk werd ingezegend door Kleijn. Ook Conny was het kerkelijke wereldje vreemd, op kritisch solidaire wijze heeft zij al die jaren haar man in dit ongrijpbare werk bijgestaan.

 

Joost doorliep een veelzijdige carrière. Na Friedrichstadt kwamen Oosterbeek (1954), Haarlem (1956) en Rotterdam (1968). Naast een druk gemeenteleven ontplooide Joost een veelheid aan activiteiten in de Broederschap en daarbuiten: voorzitter van het Convent, curator van het Seminarium, lid van de commissies Oorlog en Vrede en van de Medisch-Ethische Commissie. In Rotterdam was hij de eerste predikant die participeerde in een dergelijke commissie in het Sophia Kinderziekenhuis. Maar ook was hij daar de eerste die contacten legde met de moslims en die in oecumenische verbanden actief was.

In dit alles was hij op zoek naar wat mensen beweegt in hun godsdienstige betrokkenheid. Het was voor hem steeds een worsteling om aan dit alles gestalte te geven. Maar de buitenwacht heeft van die strijd weinig gemerkt. Zijn vrolijkheid en opgewektheid, de ‘losheid’ van zijn ontwapenende optreden gaven de indruk van een zorgeloze persoonlijkheid. Dit hele scala van zijn veelzijdige arbeid werd gedragen door een bewogen barmhartigheid – ‘in blijmoedigheid’ (Romeinen 12:4-8), zijn intredetekst in Rotterdam. Bij zijn afscheid werd een symposium gehouden, waarvan de teksten werden gebundeld in een boekje ‘Ongrijpbaar? Geloof en geluk in fragmenten’. Joost had dit onderwerp aangedragen  –  wie het boekje leest, begrijpt waarom. Wij gedenken hem als een predikant die de ‘ongrijpbaarheid’ van dit ambt op een gelovige en gelukkige wijze gestalte heeft gegeven.

Eric Cossee

 

Joost was een man vol met droge humor. In 1994 bestond de Remonstrantse Broederschap 375 jaar. Dat werd gevierd met een symposium in de Geertekerk in Utrecht. Er was ook voor een Indisch buffet gekozen. Waarschijnlijk mocht het niet teveel geld kosten, de kwaliteit van het eten was niet helemaal alles. Na de maaltijd nam Joost het woord en constateerde fijntjes dat het duidelijk was dat de Broederschap geen verleden had in de zending…

 

Joost was een verwoed pijproker (zie de foto die gemaakt werd ter gelegenheid van zijn afscheid in 1987). Zo schrijft zijn kleinzoon Joost: ‘Lideke en ik vonden het altijd zo lekker ruiken, de vage lucht van pijprook in de kamer. Ik heb één keer bij hem in zijn Citroën GS gezeten terwijl hij rookte. Dat was minder.’ Op een keer was hij zijn pijp kwijt. Waarschijnlijk had hij hem op huisbezoek ergens laten liggen. in het Kerkblad deed hij een oproep: ‘Hij zou de pijp graag terugzien, opdat deze ‘zijn trekken thuis zou krijgen”.

 

Bewaard gebleven is een opname voor de IKON kerkdiensten van een dienst gehouden op eeuwigheidszondag, zondag 20 november 1977. Deze dienst is op SoundCloud te beluisteren. Het betreft hier het gedeelte van de dienst dat uitgezonden kon worden. De dienst houdt op na de preek. De gemeente gaat verder met de viering van het avondmaal. 

Gerelateerd