25 december 2025

Geen stille kerst

Geschreven door Tjaard Barnard

In de dienst van kerstmorgen in de Arminiuskerk werd het kerstspel Geen stille kerst opgevoerd. De herbergier werd een nacht lang uit zijn slaap gehouden door de geboorte van het kerstkind en al die vreemdelingen die op kraambezoek kwamen.
In de preek van dr. Tjaard Barnard werd dit thema uitgewerkt. Met wat voor perspectieven kun je naar het verhaal kijken. Is het lief en stil of is het een voorbode voor een activistisch christendom.
De teksten van de hele dienst is hieronder te lezen.

Remonstrantse Gemeente Rotterdam

Kerstmorgen 2025

Thema: Geen stille nacht!

Voorganger: dr. Tjaard Barnard

Organist: Jos van der Kooy

Solist: Nicky Bouwers

Kerstspel voorbereid door de kindercommissie

Oratorio de Noël, Camille Saint Saëns (1835-1921)

Deel 3 Air

Expectans expectavi Dominum, et intendit mihi

Geduldig heb ik de HEER verwacht, en Hij heeft Zich naar mij toe gewend.

(Psalm 40: 1)

Welkom en aansteken van de kaars door lid van de kerkenraad

Orgelspel

(Gemeente gaat staan)

Aanvangslied 477 Komt allen tezamen

1 Komt allen tezamen,

jubelend van vreugde:

komt nu, o komt nu naar Bethlehem!

Ziet nu de vorst der eng’len hier geboren.

Komt, laten wij aanbidden,

komt, laten wij aanbidden,

komt, laten wij aanbidden die Koning.

2 De hemelse eng’len

riepen eens de herders

weg van de kudde naar ’t schamel dak.

Spoeden ook wij ons met eerbied’ge schreden!

Komt, laten wij aanbidden,

komt, laten wij aanbidden,

komt, laten wij aanbidden, die Koning.

 3 Het licht van de Vader,

licht van den beginne,

zien wij omsluierd, verhuld in ’t vlees:

goddelijk Kind, gewonden in de doeken!

Komt, laten wij aanbidden,

komt, laten wij aanbidden,

komt, laten wij aanbidden die Koning.

4 O Kind, ons geboren, 

liggend in de kribbe,

neem onze liefde in genade aan!

U, die ons liefhebt, U behoort ons harte!

Komt, laten wij aanbidden,

komt, laten wij aanbidden,

komt, laten wij aanbidden die Koning.

Votum en groet

Onze hulp is in de naam van de Heer

die hemel en aarde gemaakt heeft

die trouw houdt tot in eeuwigheid

en die niet loslaat het werk van zijn handen.

Genade zij u en vrede

van God onze Vader 

en van Jezus Christus, de Heer.

Amen.

Antwoordlied Tot U, Heer, is ons hart gericht

(Gemeente gaat zitten)

Inleidende Bijbellezing  Lucas 1: 46-55, Lofzang van Maria/Magnificat

‘Mijn ziel prijst en looft de Heer,

[47] mijn hart juicht om God, mijn redder:

[48] Hij heeft oog gehad voor mij, zijn minste dienares.

Alle geslachten zullen mij voortaan gelukkig prijzen,

[49] ja, grote dingen heeft de Machtige voor mij gedaan,

heilig is zijn naam.

[50] Barmhartig is Hij, van geslacht op geslacht,

voor al wie Hem vereert.

[51] Hij toont zijn macht en de kracht van zijn arm

en drijft uiteen wie zich verheven wanen,

[52] heersers stoot Hij van hun troon

en wie gering is geeft Hij aanzien.

[53] Wie honger heeft overlaadt Hij met gaven,

maar rijken stuurt Hij weg met lege handen.

[54-55] Hij trekt zich het lot aan van Israël, zijn dienaar,

zoals Hij aan onze voorouders heeft beloofd:

Hij herinnert zich zijn barmhartigheid

jegens Abraham en zijn nageslacht,

tot in eeuwigheid.’

Gebed

Eeuwige God,

op deze kerstmorgen zijn we samen:

grote mensen en kleine mensen,

drukke gedachten en stille hoop.

We steken een kaars aan

en brengen alles mee wat in ons leeft:

vreugde en verwachting,

onrust en verlangen.

Vertel ons vandaag opnieuw het verhaal

van licht in de nacht,

van een kind dat mensen wakker maakt,

van liefde die niet stil blijft.

Open onze oren om te luisteren,

onze ogen om te zien,

en ons hart om geraakt te worden.

Zegen ons samen zijn,

hier en nu.

Amen.

Lied 483 Stille nacht, heilige nacht (Couplet 1 allen, couplet 2 solo, couplet 3 allen)

1 Stille nacht, heilige nacht!

Davids Zoon, lang verwacht,

die miljoenen eens zaligen zal,

wordt geboren in Bethlehems stal,

Hij, der schepselen Heer,

Hij, der schepselen Heer.

2 Hulploos Kind, heilig Kind,

dat zo trouw zondaars mint,

ook voor mij hebt Ge U rijkdom ontzegd,

wordt Ge op stro en in doeken gelegd.

Leer me U danken daarvoor.

Leer me U danken daarvoor.

3 Stille nacht, heilige nacht!

Vreed’ en heil wordt gebracht

aan een wereld, verloren in schuld;

Gods belofte wordt heerlijk vervuld.

Amen, Gode zij eer!

Amen, Gode zij eer!

Bijbellezing Lucas 2: 1-14

[1] In die tijd werd er een bevel van keizer Augustus bekendgemaakt. Hij wilde alle inwoners van het Romeinse rijk laten tellen. [2] Het was de eerste keer dat dit gebeurde. Het was in de tijd dat Quirinius de provincie Syrië bestuurde. [3] Iedereen moest geteld worden in de plaats waar zijn familie vandaan kwam. Daarom gingen alle mensen op reis.

[4-5] Ook Jozef moest op reis. Hij ging van Nazaret in Galilea naar Betlehem in Judea. Want hij kwam uit de familie van David, en David kwam uit Betlehem. Jozef ging samen met Maria naar Betlehem. Maria zou met Jozef gaan trouwen, en ze was zwanger.

[6] Toen Jozef en Maria in Betlehem waren, werd het kind geboren. [7] Het was Maria’s eerste kind, een jongen. Maria wikkelde hem in een doek, en legde hem in een voerbak voor de dieren. Want er was voor hen nergens plaats om te slapen.

[8] Die nacht waren er herders in de buurt van Betlehem. Ze pasten buiten op hun schapen.

[9] Opeens stond er een engel tussen de herders, en het licht van God straalde om hen heen. De herders werden bang. [10] Maar de engel zei: ‘Jullie hoeven niet bang te zijn, want ik breng jullie goed nieuws. Het hele volk zal daar blij mee zijn. [11] Vandaag is jullie redder geboren: Christus, de Heer. Hij is geboren in Betlehem, de stad van David. [12] En zo kunnen jullie hem herkennen: het kind ligt in een voerbak en is in een doek gewikkeld.’

[13] En plotseling was er bij de engel een hele groep engelen. Ze eerden God en zeiden: [14] ‘Alle eer aan God in de hemel. En vrede op aarde voor de mensen van wie God houdt.’

Lied 487 Eer zij God in onze dagen 

1 Eer zij God in onze dagen,

eer zij God in deze tijd.

Mensen van het welbehagen,

roept op aarde vrede uit.

Gloria in excelsis Deo,

Gloria in excelsis Deo.

2 Eer zij God die onze Vader

en die onze Koning is.

Eer zij God die op de aarde

naar ons toe gekomen is.

Gloria in excelsis Deo,

gloria in excelsis Deo.

3 Lam van God, Gij hebt gedragen

alle schuld tot elke prijs,

geef in onze levensdagen

peis en vreê kyrieleis.

Gloria in excelsis Deo,

gloria in excelsis Deo.

Bijbellezing Lucas 2: 15-20

[15] Daarna gingen de engelen terug naar de hemel. De herders zeiden tegen elkaar: ‘Kom, we gaan naar Betlehem. Want God heeft ons verteld wat er gebeurd is. Laten we gaan kijken.’

[16] Ze gingen meteen naar Betlehem. Daar vonden ze Maria en Jozef, en in een voerbak lag het kind. [17] Toen de herders het kind zagen, vertelden ze wat de engel over hem gezegd had. [18] Iedereen die het hoorde, was verbaasd over het verhaal van de herders. [19] Maria probeerde te begrijpen wat het betekende. Ze bleef nadenken over wat de herders gezegd hadden.

[20] De herders gingen terug naar hun schapen. Ze eerden God en dankten hem voor alles wat ze gezien en gehoord hadden. Want alles was precies zoals de engel gezegd had.

Lied 485 Zeg eens herder, waar kom jij vandaan?

De vragen worden gezongen door de gemeente

De antwoorden worden gezongen door de soliste

Zeg eens herder, waar kom jij vandaan?

Ik heb er eens gekeken in een oude stal,

daar zag ik een wonder, dat ‘k vertellen zal.

Zeg eens herder, wat heb jij gezien?

‘k Zag een os en ezel, bij een voederbak.

’t Was er koud en donker, tocht kwam door het dak.

Zeg eens herder, zag je daar nog meer?

Ja, ik zag een kindje, huilend van de kou.

En daarbij stond Jozef, die het warmen wou

Zeg eens herder, zag je soms nog meer?

‘k Zag toen dat Maria ’t Kind in de armen nam.

Os en ezel keken, ook een heel klein lam.

Zeg eens herder, is het lief en mooi?

Mooier dan het zonlicht, mooier dan de maan.

Mooier dan de hemel, waar de sterren staan.

Zeg eens herder, heeft het iets gevraagd?

Ja, het vraagt om liefde, schatten vraagt het geen.

Laten wij nu allen, gaan tot Hem alleen.

Kerstspel kinderen: Geen stille nacht

(onderbroken door Lied 481 Hoor, de engelen zingen de eer)

1 Hoor, de eng’len zingen de eer

van de nieuw geboren Heer!

Vreed op aarde, ’t is vervuld:

God verzoent der mensen schuld.

Voegt u, volken, in het koor,

dat weerklinkt de hemel door,

zingt met algemene stem

voor het kind van Bethlehem!

Hoor, de eng’len zingen de eer

van de nieuw geboren Heer! 

2 Hij, die heerst op ’s hemels troon,

Here Christus, Vaders Zoon,

wordt geboren uit een maagd

op de tijd die God behaagt.

Zonne der gerechtigheid,

woord dat vlees geworden zijt,

tussen alle mensen in

in het menselijk gezin.

Hoor, de engelen zingen de eer

van de nieuwgeboren Heer!

3 Lof aan U die eeuwig leeft

en op aarde vrede geeft,

Gij die ons geworden zijt

taal en teken in de tijd,

al uw glorie legt Gij af

ons tot redding uit het graf,

dat wij ongerept en rein

nieuwgeboren zouden zijn.

Hoor, de engelen zingen de eer

van de nieuwgeboren Heer!

Kort orgelspel

Overdenking: Geen stille nacht

In ons clubblaadje van de Remonstrantse Broederschap, AdRem, beste mensen, heb ik geschreven hoe je het kerstverhaal vanuit twee perspectieven kunt bekijken. Het eerste perspectief is het meest bekende. Het kerstverhaal zoals we dat graag horen. Met de ontroering van het lieve, kleine babietje in de stal. Het is de charme en de romantiek van alles wat voor ons kerst tot kerst maakt. Lieve, ik geef toe, soms zoetsappige kerstplaatjes. Tussen de rookworstlucht van de Hema klinken de klassieke kerstliederen. Kerst zoals dat hoort bij prachtige vuurkorven of fakkels op een donkere kerstavond, de glühwein en de gezelligheid. De boom met de vele lampjes.

Het andere perspectief is dat van de dogmatici en de theologen. Zij houden niet zo van die zoetsappigheid. Dan gaat het meer over wat het kerstkind, als het eenmaal groot geworden is, voor ons gaat betekenen. De hervormer Calvijn was zo’n ongezellige theoloog. Hij deed niet aan kerst. Dat wil zeggen, hij las in de kerk, week in week uit gewoon door uit het bijbelboek waarin hij was gebleven. En zat hij in het midden van het Oude Testament en was het per ongeluk 25 december, dan ging hij ijzerenheinig door waar hij was gebleven. Jammer voor het kerstverhaal, maar daar ging het ook niet om. Het ging om de boodschap van God voor de mensen en die kon en moest je op heel andere manieren vertellen dan met het romantische verhaal.

Voor de milde theologen onder de critici van het mooie plaatje is het verhaal in Lucas 2 verdacht. Veel te mooi allemaal. Zij staan liever stil bij het begin van het Johannes Evangelie. Dat vertelt op een veel filosofischer wijze wat kerst zou kunnen betekenen. Kerst gaat over de incarnatie. God is vlees geworden. God heeft als mens onder de mensen gewoond. De pech is alleen dat wij het allemaal niet zo goed begrepen hebben. Hadden we maar wat beter opgelet, dan hadden we er nog wat aan gehad. Alleen met hulp van een profeet als Johannes de Doper begonnen we er iets van te begrijpen.

Deze predikanten proberen dus met kerst door de wolk van mooie plaatjes heen te breken en vallen hun gehoor lastig met allerlei interessante – althans dat vinden zij – beschouwingen over wat kerst nu ECHT betekent.

Ik zei al: twee verschillende benaderingen. Twee perspectieven.

Nu is het gelukkig niet zo dat we met deze twee verschillende perspectieven uitgesproken zijn. Het zijn er veel meer. En dat is maar goed ook, want dit jaar moet ik voor de 33ste keer een kerstpreek houden, dus het is fijn als je af en toe eens wat anders kunt zeggen.

Vandaag probeer ik het dus weer eens opnieuw. Een nieuw perspectief, een nieuwe vraag. Hoewel het natuurlijk ook zo is, dat predikanten niet zoveel variatie hebben in wat ze te zeggen hebben. Een leermeester van me constateerde eens dat de gemiddelde predikant twee preken heeft. Een heel goede heeft er drie. De rest is variatie op hetzelfde thema. Het getuigt dus van groot optimisme dat u vandaag weer bent komen luisteren!

Overigens: als mensen die mij op verschillende plekken beluisteren eens klagen dat ze een preek voor de tweede keer horen, heb ik drie vrolijke standaardreacties:

1 Zoals een oudtante van me altijd zei: opgewarmde erwtensoep is altijd lekkerder.

2 Heeft u mijn preek de vorige keer begrepen?

3 Leeft u er al naar?

Maar goed, wat zijn nu mijn perspectieven voor vandaag, waarmee ik weer eens opnieuw uw aandacht voor het verhaal vraag? Dat is het motto: geen stille kerst.

Dat is daarnet natuurlijk prachtig verbeeld in het kerstspel van de kinderen. De herbergier wordt telkens uit zijn slaap gehouden. Als een brombeer baalt hij ervan dat hij steeds wordt lastig gevallen. Een behoorlijk nacht slaap krijgt hij niet. Toch is ook hij uiteindelijk onder de indruk van het kindje Jezus. Boodschap: zelfs voor de grootste bromberen onder u komt het toch nog goed. Voorwaar een mooie gedachte om kerst mee te gaan vieren.

Maar ik wil nog een beetje dieper gaan. En daarvoor heb ik voor vandaag niet alleen het klassieke kerstverhaal uit Lucas gelezen, maar ook de lofzang van Maria, waarmee zij jubelend reageert op de boodschap van de engel Gabriël dat zij de Messias ter wereld zal brengen.

De twee verhalen – en de manier waarop we over die verhalen spreken – zijn twee kanten van eenzelfde medaille. Twee elementen die niet zonder elkaar kunnen, als je iets wilt beleven aan de diepte van het kerstverhaal.

Het overbekende kerstverhaal in Bethlehem. De stal met de os en de ezel. De herberg die geen plaats meer heeft, het jonge gezinnetje dat herders op kraambezoek krijgt met op de achtergrond een engelenkoor dat het Gloria zingt. Even later komen er ook nog een paar magiërs uit het oosten. Bij elkaar is dat een verhaal van kwetsbaarheid, van een lief klein kind, dat tegenover alle wereldmacht, door liefde regeert. En het is daarmee ook de voorbode van wat het hele verhaal van het evangelie zal zijn. Juist in de zorg voor het kleine, voor de mens in al zijn noden, zal Jezus laten zien wat zijn boodschap is. Verstilling en inkeer. Liefde voor alle mensen. Genezing voor wie een nieuwe weg in het leven zoeken. Onvoorwaardelijk er zijn voor de minste onder de broeders en zusters. Geen wereldheerschappij, maar de onoverwinnelijkheid van de liefde. Sterker dan de dood is de liefde, zegt het Hooglied al. En zo is het uiteindelijk ook in het Paasverhaal. De goddelijke liefde is niet klein te krijgen. Aan ons mensen om dat na te volgen. Kijk eens wat er dan zou gebeuren in de wereld, dat is de boodschap die je dan met kerst mee krijgt.

Kerstnacht is dan een stille nacht van inkeer. Het fluisterende suizen van de liefde. Juist de kracht van het kwetsbare is enorm. Dat is de eerste boodschap die ik u vandaag wil meegeven. 

De tweede boodschap getuigt juist niet van een stille nacht. Dan gaat het uiteindelijk niet om het kleine. Of misschien ook wel. Dat is de boodschap die Maria bezingt, wanneer ze net gehoord heeft dat ze overtijd is. Nog voor ze het zelf wist.

Maria bezingt wat Gods boodschap is met het kind dat geboren zal worden. Dat zal nu juist geen doetje zijn. Dat zal iemand zijn, die de wereld eens doet opschudden. Geen stille kerstnacht, maar juist een oproep tot activisme. Voor wie het wil: zelfs een politieke boodschap. U weet, ik houd niet van politiek op de kansel. Maar hier is het Maria zelf die een stevig programma neer zet voor haar zoon:

[51] Hij toont zijn macht en de kracht van zijn arm

en drijft uiteen wie zich verheven wanen,

[52] heersers stoot Hij van hun troon

en wie gering is geeft Hij aanzien.

[53] Wie honger heeft overlaadt Hij met gaven,

maar rijken stuurt Hij weg met lege handen.

De boodschap die de evangelist Lucas ons hier in de mond legt, klinkt best politiek. Het is een volledige omkering van de wereld. Machtige heersers, die stoot hij van de troon. Geringen krijgen aanzien. Hongerigen krijgen royaal te eten, rijken zullen niet rijk meer zijn. Het is duidelijk een maatschappelijke boodschap. De minste onder de broeders, die doet er doe.

En als je dit verhaal in je hoofd hebt, lees je misschien het verhaal in Lucas 2 ook op nieuwe wijze. We lezen er snel over heen, die tijdsbepaling aan het begin. En het geschiedde in die dagen, dat er een bevel uitging vanwege Keizer Augustus, dat het hele rijk moest worden ingeschreven. Deze inschrijving had voor het eerst plaats toen Quirinius het bewind over Syrië voerde.

De grote heren van de toenmalige wereld, keizer Augustus en Quirinius. Met hen begint het verhaal. Maar het wordt pas echt belangrijk in die kleine stal in Bethlehem. Die volstrekt onbeduidende plek in een uithoek van het Romeinse Rijk.

Eigenlijk zegt Lucas hier hetzelfde als Maria in haar lied. De machtige heersers kunnen zichzelf geweldig vinden, maar over hen gaat het verhaal niet. Echt belangrijk is het kleine.

Kleine Jezus, eenmaal groot geworden, zal dit soort revolutionaire geluiden vaker laten horen. Dat wil zeggen: hij distantieert zich van allerlei zaken die rijke en belangrijke mensen relevant vinden. Handel drijven bij de tempel? Hij heeft er niet veel mee. Een keizer die zijn kop op een munt laat zetten, ach laat hij het zelf houden.

Nu zijn er natuurlijk gelovigen die met dit verhaal in het achterhoofd graag hun geloof beleven op de barricaden. Zij weten het zeker: Jezus was hun actievoerder. Hij zou nu toch wel lid zijn van de SP of van Extinction Rebellion. Jezus zou in hun ogen geen stille nacht verkondigen, maar vanaf de barricades roepen over al het onrecht in de wereld.

Misschien is dat ook wel waar. Wie voor een betere wereld strijdt, volgt op die manier Jezus na. Wie niet zo zeer strijdt, maar vooral in het kleine zijn medemens volgt, leeft ook in navolging van Jezus.

Ik begon met te vertellen dat er vele perspectieven op het verhaal mogelijk zijn. Ik ga u vandaag geen antwoord geven op de vraag welk perspectief het beste is. Dan had u in een andere kerk moeten zijn. Wat ik graag doe – waar we in deze kerk voor staan – is eigen eigen keuze en eigen verantwoordelijkheid. En u heeft tenslotte twee vrije dagen om er nog eens over na te denken wat het kerstkind u persoonlijk te zeggen heeft.

Want u hebt pas echt wat gemist, als die baby in de kribbe, de volwassen Jezus al dan niet op de barricaden, u niet raakt. Dan is kerst wel heel stil geworden. Te stil.

Maar ongetwijfeld is dat niet zo.

Moge het zo zijn, dat het kerstkind u in verwarring brengt. Dat het u los schudt van alle vanzelfsprekendheden. Dat het u in beweging zet. Als dat gebeurt, dan is het echt kerst geworden.

Amen

Stilte

Hugo Wolf (1860-1903), Das schlafendes Jesuskind

Sohn der Jungfrau, Himmelskind! am Boden

Auf dem Holz der Schmerzen eingeschlafen,

Das der fromme Meister, sinnvoll spielend,

Deinen leichten Träumen unterlegte;

Blume du, noch in der Knospe dämmernd

Eingehüllt die Herrlichkeit des Vaters!

O wer sehen könnte, welche Bilder

Hinter dieser Stirne, diesen schwarzen

Wimpern sich in sanftem Wechsel malen!

Voorbeden en stil gebed, afgesloten met 

gezamenlijk gebeden ‘Onze Vader (oec. versie)’

Tijdens de voorbeden 367b

v. Zo bidden wij tezamen

a. Heer, onze Heer, ontferm u over ons. 

Eeuwige God,

Wij bidden voor deze wereld,

die tegelijk zo kwetsbaar en zo luidruchtig is.

Voor plaatsen waar oorlog en geweld

het leven verstikken,

waar machtigen zich verheffen

en wie klein is nauwelijks wordt gehoord.

Wij bidden om mensen

die zich laten raken door het verhaal van kerst:

door het kind in de kribbe,

door de belofte dat liefde sterker is dan macht,

dat recht en barmhartigheid

de wereld kunnen omkeren.

Dat wij niet wegkijken,

maar onze stem laten horen,

op onze eigen plek,

op onze eigen wijze.

v. Zo bidden wij tezamen,

a. Heer, onze Heer, ontferm u over ons.

Wij bidden voor mensen die leven met onrust,

voor wie deze dagen niet licht zijn:

wie rouwt,

wie zich alleen voelt,

wie moe is van zorgen

of zoekend naar zin en richting.

Wij bidden voor kinderen,

dat zij mogen opgroeien

in een wereld die hun ruimte geeft

om te dromen en te vertrouwen.

Voor ieder die zich herkent

in Maria’s verwarring,

in de herders die zich laten verrassen,

of in de herbergier

die uit zijn slaap wordt gewekt.

Dat het kerstverhaal ons nabij komt

op de plek waar wij leven,

met onze vragen,

onze hoop en onze aarzeling.

v. Zo bidden wij tezamen,

a. Heer, onze Heer, ontferm u over ons.

Wij bidden voor onszelf,

ieder met een eigen beeld van U,

ieder met een eigen verhouding

tot het kind in de kribbe.

Geef dat wij durven zoeken

naar wat ons te doen staat,

naar onze levensopdracht

in deze wereld van vandaag.

Dat wij soms durven verstillen

en luisteren naar het fluisteren van liefde,

en soms in beweging komen

waar onrecht ons wakker roept.

Dat kerst ons niet onberoerd laat,

maar ons in verwarring brengt,

ons losmaakt van vanzelfsprekendheden

en ons moed geeft

om mens te zijn voor anderen.

v. Zo bidden wij tezamen,

a. Heer, onze Heer, ontferm u over ons.

In stilte leggen wij bij U

wat wij niet onder woorden kunnen brengen.

[…]

Samen bidden wij het gebed

dat ons verbindt,

over grenzen en generaties heen:

Onze Vader die in de hemel zijt,

Uw naam worde geheiligd;

Uw Koninkrijk kome;

Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel.

Geef ons heden ons dagelijks brood;

En vergeef ons onze schulden,

Zoals ook wij onze schuldenaars vergeven;

En leid ons niet in verzoeking,

Maar verlos ons van de boze.

Want van U is het Koninkrijk

En de kracht en de heerlijkheid

In eeuwigheid. 

Amen.

Mededelingen 

Collecte

Tijdens de collecte zingt Nicky 

Bach – Ich steh an deiner Krippen hier 

1. Ich steh an deiner Krippen hier, 

o Jesulein, mein Leben, 

ich stehe, bring und schenke dir, 

was du mir hast gegeben. 

Nimm hin, es ist mein Geist und Sinn, 

Herz, Seel und Mut, nimm alles hin 

und laß dirs wohlgefallen.

3. Da ich noch nicht geboren war, 

da bist du mir geboren 

und hast mich dir zu eigen gar, 

eh ich dich kannt, erkoren. 

Eh ich durch deine Hand gemacht, 

da hat dein Herze schon bedacht, 

wie du mein wolltest werden. 

4. Ich lag in tiefster Todesnacht, 

du wurdest meine Sonne, 

die Sonne, die mir zugebracht 

Licht, Leben, Freud und Wonne. 

O Sonne, die das werte Licht 

des Glaubens in mir zugericht, 

wie schön sind deine Strahlen. 

13. Du fragest nicht nach Lust der Welt, 

noch nach des Leibes Freuden, 

du hast dich bei uns eingestellt, 

an unser Statt zu leiden, 

suchst meiner Seelen Trost und Freud 

durch allerhand Beschwerlichkeit, 

das will ich dir nicht wehren. 

14. Eins aber, hoff ich, wirst du mir, 

mein Heiland, nicht versagen, 

daß ich dich möge für und für 

in, bei und an mir tragen, 

so laß mich doch dein Kripplein sein, 

komm, komm und lege bei mir ein 

dich und all deine Freuden. 

15. Zwar sollt ich denken, wie gering 

ich dich bewirten werde, 

du bist der Schöpfer aller Ding, 

ich bin nur Staub und Erde, 

doch bist du so ein lieber Gast, 

daß du noch nie verschmähet hast 

den, der dich gerne siehet.

(Gemeente gaat staan)

Kerkdiensten kosten geld, mocht u een donatie willen geven, dan zijn wij u zeer dankbaar.  Dit kan met IDEAL, via onderstaande QR-code.  

Slotlied 478 Komt verwondert u hier mensen (couplet 1, 3, 4 allen, couplet 2 solo)

1 Komt, verwondert u hier, mensen,

ziet, hoe dat u God bemint,

ziet vervuld der zielen wensen,

ziet dit nieuw geboren kind!

Ziet, die ’t woord is, zonder spreken,

ziet, die vorst is, zonder pracht,

ziet, die ’t al is, in gebreken,

ziet, die ’t licht is, in de nacht,

ziet, die ’t goed is, dat zo zoet is,

wordt verstoten, wordt veracht.

2 Ziet, hoe dat men met Hem handelt,

hoe men Hem in doeken bindt,

die met zijne godheid wandelt

op de vleugels van de wind.

Ziet, hoe ligt Hij hier in lijden

zonder teken van verstand,

die de hemel moet verblijden,

die de kroon der wijsheid spant.

Ziet, hoe tere is de Here,

die ’t al draagt in zijne hand.

3 Die de hemel heeft geschapen

en versiert het firmament,

moet hier in een kribbe slapen.

wordt in hooi en stro gewend.

Die de schone serafijnen

altijd heeft tot zijn gebod,

heeft de beesten als de zijnen,

laat zich steken in dit kot

in de doeken, in de hoeken

van dit huisken zonder slot.

4 O Heer Jesu, God en mense,

die aanvaard hebt deze staat,

geef mij wat ik door U wense,

geef mij door uw kindsheid raad.

Sterk mij door uw tere handen,

maak mij door uw kleinheid groot,

maak mij vrij door uwe banden,

maak mij rijk door uwe nood,

maak mij blijde door uw lijden,

maak mij levend door uw dood!

Uitzending en zegen

Bevestigen wij dan ons geloof in een leven van liefde,

aanvaarden wij onze verantwoordelijkheid voor onze geloofsgemeenschap, haar taak in deze wereld, met haar noden

en gaan wij dan van hier naar ons huis en onze levensopdracht, de vreugde van het kerstfeest in, onder Gods zegen.

De Heer zegene en Hij behoede u.

De Heer doe zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig.

De Heer verheffe zijn aangezicht over u en geve u vrede.

Amen.

Ere zij God

Ere zij God, ere zij God,

in den hoge, in den hoge, in den hoge.

Vrede op aarde, vrede op aarde,

in de mensen een welbehagen.

Ere zij God in den hoge, 

Ere zij God in den hoge.

Vrede op aarde, vrede op aarde,

in de mensen een welbehagen.

In de mensen, een welbehagen, een welbehagen.

Ere zij God, ere zij God,

in den hoge, in den hoge, in den hoge.

Vrede op aarde, vrede op aarde,

in de mensen een welbehagen.

Amen, amen.

Gerelateerd